Home‎ > ‎Interviews‎ > ‎

Thom Jaspers (S. Wouters, 2011)

Datum

11 en 12 juli 2011

Plaats

Terschelling, Nederland

Bio

Interview

Wat is uw familiale achtergrond?

Mijn vader had een stoomblekerij, De Blauwe Duif in Gouda. Mijn moeder was vóór haar huwelijk tandartsassistente. Verder zorgde zij voor een huishouden met zeven kinderen, en ze had de controle over de administratie van de wasserij. Ruim een fulltime-baan, zoals je begrijpt.

Ik heb gelezen dat u in het begin van de jaren zestig werkzaam was als boekenverkoper.

Ja, in Rotterdam, bij De Wester Boekhandel. Dat was een academische boekhandel voor de Economische Hogeschool. In de tijd voor de Erasmus Universiteit had je de Nederlandse Economische Hogeschool, met dure professoren.

Welke boeken las u zelf?

Ach, wat literaire werken en zo. In de boekenwinkel was een grote wetenschappelijke afdeling, maar ook een deel algemene werken.

Was u op de hoogte van de activiteiten van Allan Kaprow?

Jawel.

Heeft Kaprow u geïnspireerd om zelf happenings te gaan ontplooien?

Neen, dat was dichter bij huis. Vooral Jasper Grootveld en zijn activiteiten rond het Lieverdje [het standbeeldje in Amsterdam waar Grootveld happenings organiseerde]

In Amsterdam had ik de rotaprenten van Aat Veldhoen gezien in een tweedehands winkeltje. Die wou ik gaan verkopen in de boekenwinkel. Zo heb ik wat gepraat met de verkoper en heb ik die prenten naar Rotterdam meegenomen. Enkele maanden later kwam ik weer in Amsterdam en herkende ik enkele mensen en zo ben ik in contact gekomen met Jasper Grootveld.

Ik zie dat u hier een uitgebreide bibliotheek hebt. Hebt u zelf aan de universiteit gestudeerd?

Dat was later, in Groningen.

In welke richting?

Sociale psychologie. Ik was kandidaat-assistent, en toen kwam de hersenbloeding. Ik heb nog wel geprobeerd om het weer op gang te krijgen, maar omdat het kortetermijngeheugen niet meer goed functioneerde, bleek dat onmogelijk te zijn.

Een dubbele tegenslag...

Ja precies, maar zo heb ik wel mijn vrouw Klaske leren kennen en dan kwam alles weer goed. Zij werkte voor professor Wilhelmina Bladergroen, een hele bekende professor in de pedagogiek, en zo heeft ze mij leren kennen.

Keren we even terug in de tijd. In Gouda was u getuige van een ernstig verkeersongeval tussen een automobilist en een voetganger. Het zou de aanleiding worden voor uw verdere activiteiten en happenings, die in het teken van de verkeersveiligheid zouden staan. Vandaar ook uw latere bijnaam van "veilig-verkeermagiër".

Het slachtoffer was met de fiets. Komt daar uit de bocht een auto gemeen hard aangereden, die hem aanrijdt. Ik had toen een doos bij met stencils, voor het laatste dubbelnummer van het tijdschrift Meander. Ik heb die doos onder het hoofd van het bloedende slachtoffer gelegd om hem toch een beetje van de straat, in het gras, op te lichten. Toen heb ik gewacht tot de ambulance kwam om mijn doos weer mee naar huis te kunnen nemen. Daar zat immers het dubbelnummer van Meander in! [lacht] 

De politie ondervroeg me, maar van het ongeval zelf had ik niet zo veel gezien. Wel dat die man op een gekke manier van achter de hoek kwam gescheurd. Roekeloos, want je ziet niets. Vreselijk onverantwoord. Thuis aangekomen, droogt het bloed op en je kijkt naar die doos en je denkt: dat is nu een teken voor de verkeersslachtoffers. Zo is dat ontstaan. Achteraf is dat gefotografeerd voor de kranten en tijdschriften en zo is dat een eigen leven beginnen leiden.

Op een gegeven moment werden we uitgenodigd door de studentenvereniging van Rotterdam. Dan zijn we met honderd man door de straten gelopen tegen het verkeer in. Dan hou je vanzelf het verkeer op. Want die auto’s die gaan wel aan de kant. En dan komt de politie, en die vraagt zich af wat er gebeurt.

De bijnaam veilig-verkeermagiër zou achteraf door een journalist uitgevonden zijn. Klopt dat?

Ja. Dat was Kees Haak. Het toeval wil dat hij hier ongeveer een jaartje geleden ook op het eiland is komen wonen.

Wat later, in 1965, besloot u om naar Portugal op reis te gaan. Waarom viel de keuze op Portugal? Dat land viel toen toch nog onder een dictatoriaal regime?

Ik was samen met een vriend en, wel ja, we gingen samen naar Portugal gaan. Ik ben in Antwerpen blijven plakken en hij is dan in zijn eentje naar Portugal gereisd.

Wie was die vriend?

Hans van der Kroeg, een tekenaar. 

Had u uw werk als boekenverkoper toen opgegeven voor dit avontuur?

Ja.

Hoe reisde u toen?

Al liftend. 

U bent in Antwerpen gebleven.

Ik leerde daar een Antwerps meisje kennen, Krista Offeciers. Ze studeerde weliswaar in Gent. Ik heb haar verder wel nooit meer ontmoet. Ze maakte deel uit van het artistieke milieu in Antwerpen rond cafés zoals De Muze en Het Pannenhuis. Het was min of meer mijn eerste “buitenlandse” reis.

Hoe was u op de hoogte van de gebeurtenissen in Antwerpen? Via Yoshio Nakajima?

In eerste instantie via Yoshio Nakajima. Ik kende hem uit Schiedam, waar ik toen woonde en werkte.

Nakajima profileerde zich als unbeat. Weet u wat hij hiermee bedoelde?

Unbeat was een reactie op de beat generation, in die zin dat hij de ideeën van de beat generation te beperkend vond. Hij wou verder gaan. Nog totaler dan de beat generation. Maar ik kende niemand anders die tot die strekking behoord zou hebben.

In Antwerpen ontmoette ik verschillende interessante mensen. Al snel kwamen we tot ideeën over “happeningplek” Groenplaats en het uitgeven van een tijdschrift, Happening News, met Wout Vercammen, Hugo Heyrman en Panamarenko.

Waar verbleef u?

Ik had een etage gehuurd in de Korte Noordstraat en ik verbleef daar met mijn vriendin en wat ander rondtrekkend volk, voor twee maanden. Je kon daar een bed neerzetten en een kachel en zo.

Maakte u daar ook collages of iets dergelijks?

Neen.

Wie waren die andere medebewoners?

(Denkt lang na) Ene Billy...hij droeg een keppeltje en had een baard. Hij had ook een brilletje op. Hij was van Antwerpen. Verder kwamen ook Panamarenko, Heyrman, Yoshio en Vercammen vaak langs.

Gingen jullie allemaal samen naar de befaamde happening op de Meir van 25 september 1965, waar u een Esso-tijger in brand stak?

Nee, ik ging daar heen met wat huisgenoten, een groepje van vijf of zes personen.

Kende u Roerek Uleman? Wat deed hij op die happening?

Ik kende Roerek uit Amsterdam. Hij zocht onderdak in Antwerpen, dus trok hij voor enige tijd bij mij in, in de Korte Noordstraat. Echt gewoond heeft hij daar niet, maar hij kwam wel vaak langs. Hij had nooit een vast dak boven zijn hoofd.

Wat voor figuur was hij eigenlijk? Een kunstenaar?

Min of meer, maar ik denk dat hij behoorlijk verslaafd was. Aan wat, dat durf ik niet zeggen. Hij was met spuiten bezig. We slikten allemaal wel eens wat pilletjes van dit en dat. Maar hij is wel heel ver afgedwaald.

Aangezien hij ook Nederlander is, vroeg ik me af of hij niet naar Antwerpen was afgezakt om te komen studeren aan de Academie.

Dat weet ik niet, ik weet ook niet hoe haar daar gekomen is. Ik heb wel een vaag idee dat hij oorspronkelijk uit Arnhem kwam.

U strooide op de Meir ook broodkruimels voor de vogeltjes. Had dit een symbolische betekenis of was het een 'actie' in de zin van Fluxus?

Het was in die zin symbolisch dat het onze geweldloze bedoeling duidelijk maakte tegenover het gewelddadige optreden van de politie.

Hoe was u gekleed?

Ik droeg een tot hoofdbescherming opgerolde fietsband met een geelbruine shawl daarover heen. Ook een verwijzing naar Stop geen tijger in je tank.

Was het tegelijk ook een referentie aan de Arabische klederdracht, en daarmee aan de herkomst van olie?

De tijger verwijst naar de bekende reclameslogan van Esso: Stop een tijger in je tank. Nu zie je die advertentie niet meer, maar dat kwam jarenlang in de media. De outfit had daar een zeker verband mee, ja. 

Vandaag maken de autofabrikanten wel zuinigere wagens, maar het blijft maar doorgaan. Het is te gek voor woorden. Terwijl het statistisch bewezen is dat we het milieu sterk aantasten. En wat het aan bomen kost, en luchtkwaliteit, enzoverder. Het is volksverlakkerij, maar het zijn ook de mensen die zichzelf zo verlakkeren.

U hebt zelf nooit een auto gehad?

Neen, zelfs geen rijbewijs. Ik niet en mijn vrouw ook niet. We hebben altijd dat idee gehad. We nemen de bus, of soms wel eens een taxi. Mijn oudste zoon heeft wel een auto, en daar maken we wel eens gebruik van. 

Vele mensen zijn zo verslaafd aan hun auto. Dat was ook de bedreiging die uitging van die happenings. Wanneer de happenings het verkeer ophielden, werden de automobilisten woest.

Wat deed Bernd Lohaus op die happening?

Wat Bernd Lohaus precies uitspookte, is mij niet meer bekend.

Het lijkt wel of u die happening op de Meir alleen uitvoerde. Klopt dat?

Dat klopt niet. We vertrokken met die zelfgefabriceerde Esso-tijger vanuit de Korte Noordstraat de stad in, richting Meir. We waren zeker met vijf of zes personen van huis vertrokken en onderweg sloten zich nog diverse bekenden aan.

Weet u of Koen Calliauw op de Meir aanwezig was?

Dat is mogelijk, ik herinner me nog wel dat hij barman was in één van de cafés waar we vertoefden.

De happening vond plaats voor het Koninklijk Paleis. Had dat iets te maken met eventuele antimonarchistische ideeën?

Had daar niets mee van doen. Het was louter toevallig dat de politie daar ingreep.

Het tijdschrift Hapenning News werd verkocht op de Meir en op de Groenplaats. Hoe werd dat verkocht? Werd dat geadverteerd of liep iemand ermee rond?

Happening News werd gecolporteerd door enkele verkopers, waaronder Panamarenko en Hugo Heyrman, beiden redacteur van het tijdschrift.

Waren de Antwerpse happeners op de hoogte van uw tijdschriften Meander en Krak?

Meander en Krak hadden niets van doen met Antwerpen.

Vercammen en Yoshio schilderden met spuitbussen op papier. Was dat abstract werk?

Dat was wat je later 'agitprop' zou genoemd hebben, dus niet specifiek abstract.

Als ik het goed heb begrepen, werd u door de politie opgepakt op de Meir. Waar hebt u dan het werk van Vercammen en Yoshio gezien?

Volgens mij begon dat vóór die zaak met de tijger.

Hoe planden jullie een happening? Kwamen jullie eerst bijeen en bespraken jullie ideeën?

Happening ontstond tijdens het gebeuren en was dus niet in zijn uitvoering “gepland”. We zien wel hoe de bal rolt.

Bij de volgende happening (Godsdienst, vorst en staat) verspreidt u een provo-pamflet met een Belgische vlag, Wees lief voor de politie, mede opgesteld door Roel van Duyn. Wat gebeurde er op deze happening? Was Van Duyn aanwezig?

Het pamflet met de Belgische vlag was door Belgische jongeren geproduceerd en verspreid. Ik was reeds uit het land gezet.

Uw naam staat er nochtans ook op.

Waarschijnlijk was het pamflet op voorhand opgesteld, in de veronderstelling dat ik ook wel zou meedoen, maar ik was toen niet meer in Antwerpen.

Na mijn arrestatie op de Meir met de “tijger”, bemerkte ik in de cel dat mijn duim gebroken was. Na wat heen-en-weergeklets met een bewaker werd ik toch naar het ziekenhuis gevoerd. Daar is mijn duim tot aan mijn elleboog in het gips gezet. Weer op het bureau wilden ze zo snel mogelijk van me af. Ze zetten me direct weer af bij de grens. Dus van verdere happenings in het Antwerpse is mij niet veel bekend. Ik heb Roel van Duyn niet gezien op de Meir.

Hoe gebeurde de uitwijzing?

Ze brachten me met het politiebusje naar de grens en daar, zonder enig geld, moest je maar zien hoe het verder moest. Ik ben naar Gouda gelift om dan naar mijn broer te gaan. Hij woonde iets buiten Gouda.

Ik ging naar de Grote Markt van Gouda om te kijken of daar iets te doen was. Daar heb ik de meest wonderlijke ontmoeting meegemaakt. Een jonge man met lang haar kwam naar me toe. Toen ik zei dat ik Thom Jaspers heette, zei hij: ik ken jou, en dat ging als een lopend vuurtje rond in de stad. En ’s avonds was er een feest ergens, met heel de jonge meute. Ik ben dan gelijk met die jongen een tijdschrift begonnen, Scandal heette dat, gestencild. Het bijzondere is dat Klaske ook een relatie heeft gehad met die jongen en dat ik haar pas veel later opnieuw heb ontmoet. Het ging allemaal zo vanzelf, het werd niet georganiseerd of zo.

Wie was die jongeling met wie u Scandal oprichtte?

Henry Hes, een dichter, en ook samen met Sjoerd Punter, die later journalist is geworden.

Hebt u daar ook happenings ingericht?

Ja, een fantastische actie was toen we met een ontvreemde vliegtuigvleugeltiptank door de straten van Gouda liepen en luidop aftelden: 9,8,7... De mensen en de politie dachten dat we met een bom door de straten liepen: nu zijn ze helemaal gek geworden, die provo’s. Toen de politie ons wou arresteren, hebben we de tank achtergelaten. Het probleem was dat dat ding zo groot was dat zij dat niet vervoerd kregen in hun Willys Jeep. Dan stak dat ding er achteraan uit, en de agenten hebben dat nog gedeeltelijk moeten helpen dragen. Dat was een zicht... [lacht]

Bestaan daar foto’s van?

Neen, niet dat ik weet.

Om even terug naar Antwerpen te keren. Was er sprake van enige spanning tussen het provo-gedachtengoed en dat van de Antwerpse happeners?

Van spanningen tussen provo en de Antwerpse happeners is mij niets bijgebleven. Tenzij je de aanhangers van de Volksunie bedoelt. De cafés waar wij rondhingen waren in de buurt van De Leeuw van Vlaanderen, het café waar zij rondhingenIk probeerde die mensen toch wel wat te mijden, want ik had geen zin om met hen fysiek in aanraking te komen.

Waren er nog andere happenings in Antwerpen waaraan u hebt meegedaan?

Van andere happenings rond Happening News is mij niets bijgebleven. Was allemaal “te artistiek”. Ik ben nog wel teruggekeerd naar Antwerpen om enkele spulletjes op te halen.

Yoshio, die iets langer in Antwerpen verbleef, vertelde me hetzelfde verhaal. Ook hij is uitgezet geweest. Hij heeft zijn werk, naar ik weet, nooit opgehaald. Misschien had dat toen allemaal niet veel waarde, maar toch...

Neen, maar dat kunnen die lui niet bepalen, dat is onzin. Het is zijn creatief werk, zijn productie. De overheid had daar geen oog voor. Later is men zich bewust gaan worden dat je als politie of als overheid niet zomaar in het wilde weg zulke beslissingen kan nemen. In Nederland zijn zij daar later aansprakelijk voor gesteld.

U moet later nog eens naar Antwerpen zijn teruggekeerd, want Wout Vercammen heeft me verteld over een spectaculaire “happening”. Volgens hem hadden jullie afgesproken op het dak van de Carolus Borromeuskerk te Antwerpen. Daar stond toen een stelling rond de toren. Vercammen zou daar zijn opgeklommen. Eens boven zag hij u eerst niet, totdat hij u enkele minuten later aan de andere kant van het gebouw opmerkte. De plaats van de afspraak was blijkbaar onduidelijk. Wat is uw kijk op dit verhaal? Was dat in de jaren zeventig?

Neen, dat was ook in die tijd. Hij was naar binnen gelopen in die kerk, en hij klom op het altaar en heeft met het kruisbeeld staan zwaaien. Zelfs er mee gegooid. Het was wel niet beschadigd, maar dat was toch wel zware heiligschennis. De politie kon er niet mee lachen. Ik ben nooit naar boven geklommen. Het zou wel een afspraak of een idee geweest kunnen zijn.


Interview: Stefan Wouters 

Transcriptie: Stefan Wouters 

Eindredactie: Thomas Crombez

Comments